Oppervlakte: 9.597.000 vierkante kilometer (bron: Times Wereld Atlas)
Indeling: in 22 provincies (sheng) - Taiwan niet meegerekend, 3 stadsprovincies (zhiheshi), 5 autonome gebieden (zizhiqu) - waaronder Tibet, 1 Special Administrative Regin (SAR): Hongkong (sinds 1997).
Bevolking: In 2004 is officieel uitgevaardigd dat China 1,3 miljard inwoners heeft. Dit betreft zo'n één vijfde van de wereldbevolking. De bevolkingsgroei bedroeg enkele jaren geleden in China 0,87%. China streeft naar een bevolkingsgroei van 0 procent. de groei van 0 procent zou halverwege de 21e eeuw moeten worden gehaald en het aantal inwoners gestabiliseerd op 1,6 miljard.
Bijna een kwart van de bevolking (24,3%) was in 2002 jonger dan 15 jaar. Na 1953 is het aantal kinderen per vrouw teruggelopen (van 3,7% tot 1,82% in 2002) als gevolg van een intensieve campagne voor gezinsplanning en van maatschappelijke veranderingen (o.a. één-kind-politiek, inschakeling van de gehuwde vrouw in het productieproces en uitbreiding van het onderwijs). Het sterftecijfer daalde in deze periode sterk van 22% tot 6,77% in 2002. Dit komt door verbeteringen in de sanitaire en hygiënische omstandigheden en een uitbreiding van de medische voorzieningen. Door de gevoerde één-kind-politiek en de daling van het sterftecijfer zal de vergrijzing van de bevolking sterk toenemen: het aantal mensen van 60 jaar en ouder zal de komende 25 jaar met 250 miljoen toenemen tot 400 miljoen.
In 2002 bedroeg de geschatte gemiddelde levensverwachting bij geboorte 70,02 jaar voor mannen en 73,86 jaar voor vrouwen.
Uitgezonderd Macau en Taiwan, leven er nog ca. 15 tot 30 miljoen Chinezen in het buitenland, de meeste in Zuidoost-Azië. De Chinezen zelf geven hogere cijfers op dan de landen waar zij wonen. In deze landen worden Chinezen die in het land geboren zijn, vaak niet meer als Chinezen beschouwd.
Hoofdstad: Beijing (Peking), ruim 11 milj. inwoners
Grootste stad: Shanghai is met zijn ruim 14 milj. inwoners de grootste stad van China, gevolgd door Beijing (Peking) --> 11,3 miljoen). Andere steden waarvan het bevolkingsaantal de 1 miljoen overschrijdt, zijn onder meer Tianjin (9,4 miljoen), Chengdu (9,4 miljoen), Wuhan (6,8 miljoen), Changhun (6,5 miljoen), Chongqing (6,5 miljoen), Xi'an (6,2 miljoen) en Kanton (6,1 miljoen).
Belangrijkste rivieren: Chang Jiang (Yangtze), 6.380 kilometer lengte (op twee na grootste rivier ter wereld, na de Amazone en de Nijl) en de Huang He (Gele Rivier), 5.464 kilometer lengte
Klimaat: Zeer uiteenlopend. Van landklimaat in noorden tot gematigd zeeklimaat in midden, subtropisch in zuidoosten (tyfoons), 'alle jaargetijden voorjaar' op Yunnan-plateau en subtropisch op het eiland Hainan.
Staatsvorm en bestuur: Sinds 1949 socialistische republiek, onder leiding van de communistische partij (Politbureau). President: Hu Jintao (2003- ), premier: Wen Jiabao (2003- ). Regering is verantwoording schuldig aan het Nationaal Volkscongres, dat elke vijf jaar wordt gekozen (leden zijn afkomstig van de diverse provincies).
Taal: Mandarijn-chinees en diverse Chinese talen en dialecten, zoals het Cantonees.
Vlag: Rood is de kleur van de eigenlijke Chinezen (de Han) en van het communisme. De grote ster symboliseert de leidende rol van de communistische partij. De vier kleinere staan voor de boeren, de arbeiders, de kleine burgerij en de (vaderlandslievende) landbezittende klasse. (bron: Vlaggen Dokumentatie Centrum Nederland)
Bevolkingssamenstelling:De eigenlijke Chinezen (Han) vormen ca. 92% van de totale bevolking, en wonen vooral in het dichtbevolkte oosten van China. China is al meer dan 2000 jaar Han-Chinees, met uitzondering van Xinjiang, grote delen van Yunnan, Tibet, Qinghai, Binnen-Mongolië en delen van Mantsjoerije. Binnen Han-China bestaan er ook nog grote culturele en taalkundige verschillen. Voorbeelden hiervan zijn de Hakka, de Tujias (wonend in Hunan, Hubei Sichuan), de Kantonezen, en de grootste Han-minderheid, de Zhuang (ca. 20 miljoen). De Zhuang zijn vooral te vinden in de zuidelijke provincies van China, en behoren tot de het Thaise Dai-ras en spreken een sino-Tibetaanse taal.
De resterende 8% bestaat uit ca. 55 groepen, waarvan de voornaamste zijn de Zhuang, Hui (Hoei), Uyguren (Oejgoeren), Yi, Miao, Man (Mantsjoes), Xizang (Tibetanen) en Menggu (Mongolen). De bevolkingsomvang van de minderheden varieert enorm, van ca. 20 miljoen Zhuang tot ca. 1500 Hezhe, die in het noordoosten wonen. De niet-Chinese groepen, sinds 1979 erkend als nationale minderheden, zijn vooral verspreid over het westen en zuidwesten van China, met name in de doorgaans dun bevolkte grensgebieden. In totaal worden ca. 60 miljoen mensen tot de minderheden gerekend. De politieke betekenis van deze 'nationale minderheden' is belangrijk, omdat ze strategisch belangrijke grensgebieden bewonen en in de regel tot de volken behoren die ook in de buurstaten wonen.
Het is echter bekend dat naar deze gebieden (o.a. Xinjiang Uygur, Heilongjiang, Jilin en Binnen-Mongolië) een sterke migratie van eigenlijke Chinezen heeft plaatsgevonden om de ontwikkeling te versnellen, maar zeer waarschijnlijk ook om het 'Chinees maken' van de niet-Chinese streken te bespoedigen.
De grootste bevolkingsconcentraties bevinden zich in de kustgebieden en in de vruchtbare valleien van de Huang He en Yangzi Jiang, de Noord-Chinese laagvlakte, de Zuid-Chinese kuststrook en het lössplateau van Midden-China. Aan de monding van de Yangzi (o.a. Sjanghai) en in bepaalde districten van Guangdong wonen meer dan 1000 personen per km2. De bevolkingsdichtheid van de miljoenenstad Sjanghai behoort, met bijna 19.000 inwoners per km2, tot de hoogste ter wereld.
De urbanisering is in verhouding gering: ca. 29% van de bevolking leeft in de steden. Weliswaar is voor de jaren vijftig een sterke trek naar de steden gemeld (1950: 10% van de totale bevolking woonachtig in steden; 1960: 15%), later is aan deze ontwikkeling een halt toegeroepen (o.a. door het verbod zich in de stad te vestigen zonder werkvergunning) en zijn zelfs aanzienlijke groepen mensen uit de steden naar het platteland overgebracht.
Religie: Boeddhisme en taoisme. Protestantisme: ca 1600 kerken en volgens officiele opgave 15 miljoen protestanten (sep.'00), van de 'Drie Zelf Patriottistische Beweging' (door de regering gecontroleerd en erkend) en daarnast niet officieel erkende (en dus ondergrondse) 'huiskerken'. Katholicisme: officiële kerken zijn aangesloten bij de Katholieke Nationale Patriottistische Vereniging, wie het niet is toegestaan trouw te zweren aan de Paus. In opkomst zijn diverse zich Christelijk noemende sekten. Moslims: de bevolkingsgroep de Hui (8,6 miljoen) zijn moslims. Lamaisme: In Tibet en omliggende provincies. Confucianisme: Confucius (Kongzi) was een filosoof en leraar en wilde nadrukkelijk geen religieus leider zijn. Zijn invloed was echter zo groot dat het confucianisme door velen toch als religie wordt beschouwd.
Munteenheid: De officiële valuta in China is de renminbi ('volksgeld'), afgekort RMB. Een renminbi is hetzelfde als een yuan (spreek uit: joe-èn; muntteken: ¥). Chinezen noemen een yuan meestal kuai. De renminbi/yuan/kuai bestaat uit 10 jiao (algemeen genoemd mao), en een jiao weer uit 10 fen. Deze fen komt men haast niet meer tegen; de waarde is zo goed als verwaarloosbaar. Thans zijn er bankbiljetten van 1, 2 en 5 jiao en 1, 2, 5, 10, 50 en 100 yuan. Er zijn munten van 1 yuan en van 1, 2 en 5 jiao. Medio 2004 stond 1 euro gelijk aan 10 yuan.
Ter plaatse zijn er een aantal mogelijkheden om aan Chinees geld te komen. Je kunt natuurlijk ook gebruik maken van travellercheques. Tegenwoordig is het in de grote steden ook steeds makkelijker om te pinnen, maar dat kan nog niet bij alle banken. Bedenk echter wel dat je bank in Nederland voor iedere transactie kosten in rekening brengt. Betalingen gebeuren in China nog altijd vooral in cash, maar de creditcard (Mastercard, Visa, American Express) is in opmars (Website met chinees geld).
Vanwege het beleid van de Chinese Partij zijn overal (bank, hotel, etc) de wisselkoersen gelijk en wordt er geen provisie geheven. Bij het verlaten van China kan je het geld inwisselen bij de bank voor euro's of dollars na overleg van de aankoopnota
Electriciteit: 220 Volt
Tijd: 7 uur later dan in Nederland (geen zomertijd DST; GMT+8)
Paspoort: Moet bij vertrek uit China nog 6 maanden geldig zijn
Visum: Verplicht